Bericht delen
Worminfecties verlopen vaak zonder duidelijke ziekteverschijnselen, maar hebben wel een directe impact op melkproductie, groei en vruchtbaarheid.
Het resultaat: sluipende productieverliezen en stijgende kosten die jaar na jaar zwaar doorwegen op het rendement van het bedrijf. In deze blog gaan we dieper in op welke worminfecties economisch het meest wegen, hoe groot de financiële schade is en waarom een doordachte, duurzame aanpak essentieel is.
Parasitaire wormen vormen niet alleen een bedreiging voor de gezondheid en het welzijn van rundvee, maar zij zijn ook een belangrijke beperkende factor en economische last voor de vee-industrie, zowel in Europa als wereldwijd. Grazend vee wordt voortdurend blootgesteld aan een breed scala van endoparasieten, maar slechts enkele soorten zijn daadwerkelijk van klinisch en/of economisch belang.
Longworminfecties worden bijvoorbeeld steeds vaker gezien als oorzaak van ernstige ademhalingsproblemen bij volwassen runderen, maar ook infecties met Ostertagia Ostertagi kan bij oudere runderen ernstige ziekteverschijnselen veroorzaken.
De meeste parasitaire infecties bij runderen verlopen in de regel subklinisch, wat betekent dat de parasieten aanwezig zijn terwijl er geen (zichtbare) ziekteverschijnselen zijn. Desalniettemin zijn zij van groot economisch belang voor de veehouder aangezien ze gewoonlijk een direct effect hebben op de productiviteit van de veestapel.
Infecties met maagdarmwormen alsook lever- en pensbotten hebben doorgaans een chronisch verloop, waarbij de grootste economische schade ontstaat door een afname van de groei, de vruchtbaarheid en de melkproductie.
Longworminfecties daarentegen hebben doorgaans een meer acuut verloop, wat wordt gekenmerkt door een plotse en aanzienlijke economische impact op het bedrijf, niet alleen door de sterke daling van de melkproductie maar ook doordat er veel dieren sterven.
Als laatste, de Taenia saginata infecties. Deze infecties leiden voornamelijk tot aanzienlijke financiële verliezen en vormen een gevaar voor de voedselveiligheid. De klinische gevolgen voor de veestapel worden verwaarloosbaar of zelfs onbestaand beschouwd.
Worminfecties zijn één van de belangrijkste aandoeningen bij runderen en schapen. Ze zijn de oorzaak van grote productieverliezen in zowel ontwikkelingslanden als geïndustrialiseerde landen.
In de moderne veehouderij is het almaar belangrijker om de productiekosten goed onder controle te houden, vooral in de melkveehouderij, waar de winstmarges vaak (extra) krap zijn. Kleine verbeteringen in de productie-efficiëntie kunnen vaak het verschil uitmaken tussen winst of verlies. De economische gevolgen van worminfecties zijn divers en bestaan uit directe kosten (zoals behandelingskosten bij klinisch zieke dieren en de kosten van profylactische anthelmintica) en indirecte kosten (zoals verliezen door slechte prestaties, inclusief verminderde melkgift en vruchtbaarheid bij subklinisch geïnfecteerde dieren).
In 2009 hebben onderzoekers van de Faculteit Diergeneeskunde in Merelbeke een schatting gemaakt van de directe kosten ten gevolge van infecties met maagdarmnematoden en leverbot in de Vlaamse melkveestapel:
In een internationale studie in 2020 werden de financiële gevolgen van de belangrijkste parasitaire worminfecties voor de Europese herkauwerssector (melk- en vleesvee, melk- en vleesschapen en melkgeiten) in kaart gebracht.
Geschat werd dat parasitaire wormen de Europese veehouderij meer dan 1,8 miljard euro per jaar kosten, waarvan 81% of 1,46 miljard euro door productieverliezen en 19% of 0,35 miljard euro vanwege behandelingskosten. Bovendien bleek de economische impact bij melkvee veel groter te zijn dan bij vleesvee. Voor België werden de jaarlijkse kosten als gevolg van de belangrijkste parasitaire worminfecties geschat op 41 miljoen euro, waarvan 87% het gevolg was van productieverliezen.
Tot slot veroorzaken cysticercose bij runderen ook aanzienlijke financiële verliezen voor de Belgische vleessector. De gemiddelde jaarlijkse economische kosten werden geraamd op 3.408.455 euro, waarbij de rundveehouders het merendeel van de financiële kosten dragen.
In de afgelopen 10 jaar is de focus met betrekking tot de diagnose van parasitaire worminfecties bij vee veranderd. Terwijl in het verleden de nadruk lag op het vaststellen van de aan- of afwezigheid van infecties, ligt de nadruk nu vooral op het aantonen van de impact die ze hebben op de productie. Deze benadering stimuleert ook bij het overwegen van verdere diagnostiek en bestrijdingsmaatregelen.
Worminfecties worden tot op heden voornamelijk bestreden door het toedienen van anthelmintica. Toch zijn de ontwormingsstrategieën de laatste jaren sterk geëvolueerd. Door de toenemende bezorgdheid over de ontwikkeling van resistente parasieten, het milieu, de biodiversiteit, de klimaatverandering en het welzijn van de veestapel, worden veehouders sterk aangemoedigd om op een meer verantwoorde wijze ontwormingsmiddelen te gebruiken.
Het ontwormingsbeleid is voor elk bedrijf verschillend en kan daarom het best in overleg met de dierenarts worden uitgewerkt. Inmiddels weten we ook dat het noodzakelijk is ontwormingsstrategieën te koppelen aan bedrijfsmonitoring (bijv. het tellen van fecale wormeieren) en weidebeheer.
Het uiteindelijke doel is om zowel interne als externe parasieten op een duurzame manier te bestrijden. Een programma voor de bestrijding van endoparasieten is idealiter gericht op:
Het doel dient in geen geval te zijn om dieren volledig wormvrij te krijgen of te houden, gezien dit de opbouw van immuniteit zou verhinderen. In plaats daarvan moet worden gestreefd naar een zo goed mogelijk evenwicht tussen bescherming tegen en contact met parasieten, zodat voldoende immuniteit kan worden opgebouwd.
1. Bepaal het risico – Zorg dat je weet welke parasieten aanwezig zijn en welke groepen dieren het grootste risico lopen.
2. Opvolgen – Controleer regelmatig de gezondheid van de kudde en het parasietenniveau, bijvoorbeeld door het aantal eitjes in de ontlasting te tellen.
3. Bestrijden strategisch – Pas gerichte behandelingen toe en combineer deze met weidebeheer om de levenscyclus van de parasieten te doorbreken.
4. Voorkom resistentie – Wissel op verantwoorde wijze anthelmintica af en vermijd overmatig gebruik om de ontwikkeling van resistente parasieten te verminderen.
5. Ondersteun de darmgezondheid – Bevorder de algehele spijsvertering door middel van goede voeding, probiotica en managementpraktijken.
Tijdens het weideseizoen komt de darmgezondheid van runderen zwaar onder druk te staan. Vitaminen, mineralen en sporenelementen zijn essentieel voor een optimale gezondheid en productiviteit van vee.
De likemmers van Herbavita zijn zeer effectief in het voorkomen van mogelijke tekorten en bieden gerichte ondersteuning op basis van de toegevoegde kruidenbestanddelen. Rumibloc Pur bevat een zorgvuldig geselecteerd mengsel aan kruiden dat de natuurlijke afweer bij jouw vee versterkt en dankzij hun ondersteuning van een evenwichtige darmflora bijdraagt tot het behoud van een goede darmgezondheid.
Met het toenemende succes van de biologische landbouw, de steeds groeiende geneesmiddelenresistentie van parasieten bij vee en de steeds sterkere bezorgdheid over chemische residuen in dierlijke producten en het milieu, is er meer behoefte aan alternatieve en natuurlijke bestrijdingsstrategieën.
In de traditionele en veterinaire geneeskunde worden secundaire metabolieten van geneeskrachtige kruiden al eeuwenlang gebruikt voor de behandeling van diverse spijsverterings- en parasitaire ziekten. Naast de gebruikelijke preventie- en bestrijdingsmaatregelen voor vee, zoals vaccinatie, ontworming en weidebeheer, is er toenemende belangstelling voor het mogelijke gebruik van nutraceuticals en/of biologische bestrijdingsmiddelen tegen worminfecties.